Onze Trainingen
Ons Team
Examens oefenen

Examentips Natuurkunde VWO

Om je examen natuurkunde goed te maken is het natuurlijk belangrijk om je goed voor te bereiden. Maar gelukkig zijn er ook een aantal makkelijke trucjes die je enorm kunnen helpen bij je examen. Daarom hebben onze hoofddocenten de belangrijkste Examentips voor jou op een rijtje gezet!

Tip 1: Deel je eindexamen slim in

Normaal gesproken is drie uur voldoende tijd om een eindexamen te maken. Om die tijd goed in te delen is het belangrijk om in de gaten te houden hoeveel tijd je nog hebt en hoeveel vragen je nog moet beantwoorden. Je kunt zelf de volgorde bepalen waarin je de vragen maakt, begin dus vooral met een onderwerp dat je aanspreek en de stof die je het beste beheerst. En kom je er bij een bepaalde vraag binnen vijf tot tien minuten niet uit, geen probleem, ga dan door met een andere vraag. Als je aan het einde nog tijd over hebt, dan kun nog naar deze vraag terugkomen. ID 10010665

Tip 2: Lees eerst de vraag, dan pas de tekst

Sommige vragen beginnen met een verhaal met daarin veel informatie. Niet alle informatie is relevant om de vraag te kunnen beantwoorden en soms leidt de informatie je af van de vraag. Lees daarom eerst de vraag goed door en pas daarna het verhaal. Je hebt dan al een idee van waar je op moet letten. Schrijf tijdens het lezens die informatie die je nodig hebt op. Schrijf dit op met het juiste symbool van de grootheid en reken het, indien nodig, direct om naar de standaard eenheden en zonder voorzetsels. Nadat je het antwoord gegeven hebt, lees nogmaals goed de vraag door om te controleren of je echt antwoord hebt gegeven op de vraag.

Tip 3: Schrijf tijdens het berekenen altijd als eerste de passende formule op

Je krijgt bijna altijd al een punt voor het toepassen van de passende formule. Dat is dus makkelijk scoren. Ook heb je dan meteen een goed startpunt om vanaf verder te werken. Daardoor wordt je werk automatisch gestructureerder en verlies je minder makkelijk het overzicht. Als je de formule niet hebt opgeschreven en je hebt een foutje staan in de getallen, kan de formule door de corrector niet terug herleid worden, dus geen punt.

Tip 4: Schrijf altijd eenheden op, ook bij tussenstappen

Voor de punten hoeft er alleen bij je eindantwoord de correcte eenheid te staan. Maar het is heel nuttig om altijd bij al je tussenstappen de eenheden op te schrijven. Zo blijft het duidelijk wat je aan het berekenen bent en is de kans kleiner dat je het aan het einde vergeet. Ook kan je zo vaak controleren of je de goede berekening hebt gedaan.

Bijvoorbeeld: Als om een versnelling wordt gevraagd en je hebt een snelheid en een een tijdsduur, weet je dat je de snelheid (ms-1) moet delen door de tijdsduur (s) om bij een versnelling te komen ((ms-1) / s = m s-2).

(Let op: grootheden als de brekingsindex of vergrotingsfactor hebben geen eenheid).

ID 10010665

Tip 5: Is het antwoord logisch?

De meeste vragen bij natuurkunde gaan over experimenten of situaties die echt kunnen gebeuren. Controleer daarom bij je eindantwoord altijd of het antwoord logisch is. Een auto zal bijvoorbeeld nooit honderden meters per seconde rijden en een toren kan nooit zo groot zijn als een berg. Ook kan je aan de hand van de eenheden controleren of je het goede eindantwoord hebt gegeven. Als er om een snelheid is gevraagd moet je antwoord altijd in m-1, kmh of iets vergelijkbaars zijn.

Tip 6: Punten behaal je per stap!

De meeste punten op je eindexamen krijg je niet je eindantwoord op een vraag, maar voor de stappen die je zet om daar te komen. Ook al is het eindantwoord fout, dan leveren de juiste stappen toch een hoop punten op. De punten die je per vraag kunt halen geven goed weer hoeveel stappen je ongeveer moet nemen; 4 punten betekent 4 essentiële elementen waar in het correctiemodel naar wordt gekeken. Schrijf daarom altijd alle tussenstappen duidelijk en gestructureerd op die je neemt om tot een antwoord te komen.

Tip 7: Vergeet de conclusie niet

Je zal niet de eerste zijn die de berekening helemaal goed heeft gedaan maar de conclusie is vergeten op te schrijven. Lees aan het eind van het maken van een opgave de vraag nog een keer om te controleren of je de volledige vraag beantwoord hebt. Een tip is om elk antwoord met: "Dus..." of "Conclusie:... " te eindigen.

Tip 8: Significantie en eenheden

Let op de significantie van jouw eindantwoord! Als je de rekenregels voor significantie niet machtig bent, hanteer dan het volgende. Kijk naar de waarde met het minst aantal significante cijfers dat je voor je berekening hebt gebruikt. Haal deze waardes uit de opgave en BiNaS en niet van je eigen blaadje, dan weet je zeker dat je de goede waardes gebruikt. Het aantal significante cijfers bepaal je door de cijfers in een getal te tellen vanaf de eerste niet nul. Dus 0,0071600 zijn 5 significante cijfers. Let er daarnaast altijd op dat je de juiste eenheid neerzet.

Tip 9: Bedenk hoe de corrector je werk nakijkt

Onder het kopje examens en op www.oudeexamens.nl kun je oude examens terug kijken. Lees daar ook eens wat de regels zijn voor de corrector. Dit zijn de eerste pagina´s van het correctievoorschrift. Dus bekijk de correctievoorschriften eens goed. Als je weet waar je punten voor krijgt is het veel makkelijker om punten te verzamelen.

Tip 10: Zorg dat je materiaal in orde is

Het zal niet de eerste keer zijn dat iemands rekenmachine er net tijdens het examen mee ophoudt. Zorg daarom altijd dat je reserver batterijen bij je hebt. Vergeet ook niet om je geodriehoek, je Binas, potloden (met een scherpe punt!!) en twee pennen mee te nemen. Dit voorkomt mogelijk stress en tijdverlies tijdens het examen.

Andere VWO vakken